Link

 

Het SWEET-project was een project (2018-2024) dat werd gefinancierd door het Horizon 2020-programma van de Europese Commissie en werd ondersteund door een consortium van 29 pan-Europese partners uit wetenschap, consumentenorganisaties en industrie [1]. Recent is een nieuwe publicatie verschenen [2]. In deze nieuwe publicatie is primair gekeken naar het effect van zoetstoffen (en zoetversterkers) op:

  • Het behoud van gewichtsverlies bij mensen met overgewicht of obesitas.

  • De samenstelling van de darmmicrobiota.

De studie

De SWEET-trial bestond uit 341 volwassenen met overgewicht of obesitas (en 38 kinderen) die in vier Europese landen werd uitgevoerd, te weten Nederland, Griekenland, Spanje en Denemarken. De eerste fase was voor alle deelnemers hetzelfde en bestond uit twee maanden gewichtsverlies met behulp van maaltijdvervangers. Het doel was om een gewichtsverlies van <5% te bereiken. Daarna werden de deelnemers in twee groepen verdeeld:

  • Gezonde voeding, ad libitum met <10 en% toegevoegde suikers waarbij alle soorten zoetstoffen zijn toegestaan (zoetstoffengroep).
  • Gezonde voeding, ad libitum met <10 en% toegevoegde suikers waarbij geen zoetstoffen zijn toegestaan (suikergroep).

Primaire uitkomstmaten waren lichaamsgewicht en de samenstelling van de darmmicrobiota. Voor de samenstelling van de darmmicrobiota is gebruik gemaakt van een subgroep van 137 volwassenen.

De resultaten

  • In totaal hadden 277 volwassenen de eerste twee maanden volbracht en 203 hadden de volledige studie afgerond.
  • Het gewichtsverlies na twee maanden was vergelijkbaar tussen de twee groepen (ca. 10 kg).
  • Na een jaar was het gewichtsverlies in de suikergroep nog 5,6 kg en in de zoetstoffengroep 7,2 kg (ITT, LOCF). Voor de ‘’ was dit verschil vergelijkbaar, maar niet meer statistisch significant (p=0.082).
  • Na een jaar was er geen verschil in α-diversiteit tussen de twee groepen. Wel nam in de zoetstoffengroep het aantal bacteriefamilies en -geslachten toe die korteketenvetzuren en methaan produceren.

 

De beperkingen

  • Het aantal uitvallers was (onder andere door de COVID-19 pandemie) behoorlijk en hoger dan verwacht (40% i.p.v. 30%) waardoor de power geen 90%, maar 86% is.
  • De voedingsinname is gebaseerd op zelfrapportage wat tot onderrapportage kan leiden.
  • De analyse van de darmmicrobiota is gedaan met 16S rRNA sequencing. Hiermee kan aangetoond worden welke bacteriegroepen aanwezig zijn, maar niet wat de functies en metabolieten zijn.
  • De productie van korteketenvetzuren en methaan is niet gemeten.
  • Mogelijke verschillen tussen typen zoetstoffen/zoetversterkers zijn niet uitgesplitst.

ITT=intention to treat; LOCF=last observation carried forward; α-diversiteit=diversiteit binnen één monster.

Referenties

  1. https://cordis.europa.eu/project/id/774293
  2. Pang MD, Kjølbæk L, Bastings JJAJ. et al. Effect of sweeteners and sweetness enhancers on weight management and gut microbiota composition in individuals with overweight or obesity: the SWEET study. Nat Metab (2025).